Talentontwikkeling

Talentherkenning en talentontwikkeling (TH en TO) spelen een belangrijke rol bij het KNKV. Sinds oktober 2006 valt het totale traject onder verantwoording van de Directeur Korfbal. Voorheen was er een scheiding tussen subregionale en regionale RTC-teams enerzijds en de nationale selecties anderzijds. Het opleidingstraject maakt het mogelijk dat talenten zich maximaal ontwikkelen en dat de nationale selecties hun status van de absolute nummer één van de wereld kunnen behouden. Het MOP beschrijft de route van twaalfjarig talent tot en met basisspeler van de nationale -21 selectie. Het traject onder de leeftijdscategorie -13 is volledig bij de clubs ondergebracht.

Onder talentherkenning verstaan we het herkennen van een talentvolle sporter als potentiële topkorfballer op basis van meerdere indicatoren.

Atletisch vermogen is belangrijk. Dit richt zich met name op coördinatievermogen, snelheid en sprongkracht. Een groot atletisch vermogen - gekoppeld aan lengte - is een voorwaarde voor de ontwikkeling van topspelers. Er blijft ruimte voor kleinere spelers, mits deze over een groot atletisch vermogen beschikken en specifieke kwaliteiten hebben in de één-tegen-één situatie. Handelingssnelheid is superieur aan snelheid op de atletiekbaan. Timing en positiekeuze zijn superieur aan sprongkracht. Grote schotvaardigheid is een vereiste voor elk talent.

Het KNKV selecteert talenten in de eerste plaats vanuit hun handelen in de wedstrijdsituatie.

Talenten moeten op alle aspecten voldoende scoren en minimaal op één aanvallend (balbezit) en verdedigend aspect (niet balbezit) excelleren. De samenstelling van de selecties dient altijd zodanig te zijn dat de coach vakken kan creëren waarin alle functies uitgeoefend kunnen worden door een speler die excelleert in de betreffende functie. De plekken 17 tot en met 20 bieden ruimte hiervan af te wijken in het geval er bijvoorbeeld sprake is van een hoog aantal zeer talentvolle hoofdaanvallers.

Het herkennen van talent vindt bij korfbal vooral plaats in de leeftijdscategorieën van 12 tot 17 jaar. Alle RTC’s en regionale teams -13 en -15 dienen als een zeef om de grootste talenten te kunnen vinden. Hier zijn de RTC’s op subregionaal niveau voor bedoeld.

De talenten worden gescout op regionaal niveau in de categorieën -13 en -15. De regio’s werken volgens een centraal vastgesteld protocol. Alle activiteiten worden gefaciliteerd door de werkgroep Talentontwikkeling. Het programma staat in het teken van selecteren. Het doel is de grootste talenten te vinden en deze te laten doorstromen naar de RTC’s -17 en -19 en de nationale jeugdteams. De leeftijdsgrens voor alle selecties is nu bepaald op 1 januari.

Vanaf de RTC selectie -17 vindt de opleiding tot topkorfballer plaats onder landelijke regie van het KNKV. In de ideale situatie is het programma daar waar de grootste talenten zich concentreren het meest intensief. Voorlopig zal het RTC-programma voor de talenten -17 onder regie van het KNKV uitgebreider zijn dan het landelijke programma voor deze leeftijdscategorie. Dat heeft te maken met het feit dat het op hun niveau nog moeilijk is om echte talenten aan te wijzen. Tevens kan op die manier tijdverlies aan reizen tot een minimum worden beperkt.

Een talentvolgsysteem en optimale communicatie tussen de talentencoaches moet een optimale doorstroming garanderen. Het doel is het talent maximale ontplooiingskansen te bieden en ieder jaar talenten af te leveren die in staat zijn in te stromen in de nationale seniorenselectie. Omdat door de toegenomen belasting de carrière van de gemiddelde international zes jaar duurt, dienen er gemiddeld jaarlijks minimaal drie talenten door te stromen.