Wel wangedrag, geen kaarten

Het komt een enkele keer voor dat een scheidsrechter geen gele of rode kaarten op zak heeft, bijvoorbeeld als hij onverwacht invalt. Gebeurt er dan iets waarvoor hij iemand een formele waarschuwing wil geven of wil wegzenden, dan kan hij op dat moment geen gele of rode kaart tonen.

De reglementscommissie heeft uitgesproken dat de gele en de rode kaart slechts hulpmiddelen zijn bij het waarschuwen of wegzenden van spelers. Het feit dat de scheidsrechter wangedrag bestraft, is uitgangspunt. Uiteraard is de scheidsrechters erop gewezen, dat zij ervoor zorgen de kaarten bij zich te dragen, maar als dat eens niet zo mocht zijn, dan is de ‘ouderwetse’ manier van waarschuwen (bijvoorbeeld door een notitie in het boekje van de scheidsrechter) of wegzending (bijvoorbeeld de uitgestrekte wijsvinger in de richting van de kleedkamer) even rechtsgeldig als het tonen van de kaart(en). Wel is aan de scheidsrechters aangegeven dat het in die gevallen verstandig is de betrokkene(n) en de aanvoerder(s) duidelijk mededeling te doen van de waarschuwing of wegzending. Overigens is het tevens verstandig als de scheidsrechter in een voorkomend geval vóór aanvang van de wedstrijd meldt dat hij de kaarten niet bij zich heeft.
Het feit dat de scheidsrechter in de wedstrijd geen kaart heeft getoond, ontslaat derhalve niemand van de reglementaire consequenties, zoals hiervoor omschreven.